Een niertransplantatie zal niet in alle gevallen het beoogde resultaat geven. De oorzaken kunnen zijn:
- operatie technische redenen;
- een beschadigde donornier of een donornier van slechte kwaliteit;
- afstoting.
In bepaalde gevallen betekent dit dat de transplantatienier definitief verloren gaat, bijvoorbeeld bij een trombose in de nier. Een probleem kan zich ook slechts tijdelijk voordoen, bijvoorbeeld als gevolg van beschadigingen van verzamelbuisjes in de nier. Die kunnen zich nog herstellen, maar veroorzaken soms wel dat de nierfunctie langzamer op gang komt. Een oorzaak op immunologisch gebied wordt beschreven onder ‘afstoting’.