Diëtetiek

Natriumbeperking (zoutbeperking)

De richtlijnen voor natriumbeperking zijn moeilijke richtlijnen om te volgen en gelden voor vrijwel alle mensen met nierproblemen. Maar als je het eenmaal onder de knie hebt, wil je niet meer anders. Aan een natriumbeperking moet je namelijk wennen. Je smaakpappillen passen zich steeds aan en zullen na enkele weken tot maanden gewend zijn aan de natriumbeperking. Je zult merken dat je voedingsmiddelen of maaltijden met (veel) zout dan niet meer lekker vindt.

Natrium(beperking)  is zo belangrijk voor mensen met nierproblemen, omdat het een rol speelt in de vochthuishouding. Hoe meer Natrium wordt gebruikt, hoe meer vocht wordt vast gehouden in het lichaam en hoe meer dorst je krijgt. Dorst is heel vervelend als je een vochtbeperking moet volgen. Als er veel vocht wordt vast gehouden in het lichaam, wordt de bloeddruk hoger. Dit is belastend voor het hart en de bloedvaten. Hierdoor kunnen  de nieren (verder) beschadigd worden. Bij dialyse is er meer Ultra-Filtratie (UF) noodzakelijk bij meer vocht vast houden; ook dit is belastend voor het hart en de bloedvaten.

Natrium wordt vooral geleverd door zout. Zeezout bevat net zoveel natrium als normaal zout. Er is dieetzout verkrijgbaar met minder natrium, maar dit zout bevat kalium en past daardoor niet in een kaliumbeperkt dieet.

Zout kan het beste vervangen worden door kruiden. Lavas is een kruid dat dezelfde smaak heeft als zout. Verse kruiden als basilicum, rozemarijn, selderij, peterselie, en knoflook  en droge kruiden zoals peper, kerriepoeder, paprikapoeder en ras al hanout kunnen ook veel smaak geven aan maaltijden.

Natrium hoeft niet helemaal te worden weg gelaten uit het voedingspatroon.  Dagelijks mag 2000-2400 mg Natrium ofwel 5-6 gram zout worden gebruikt. Dit wordt meestal geleverd door brood, vleeswaren en kaas. Ook koekjes en gebak bevatten zout.

Ons advies is om toegevoegd zout uit de zoutpot weg te laten en op te passen met zoutrijke producten zoals kant-en-klaar producten, alles uit pakjes en potjes en zoutjes zoals chips.

Vind je het moeilijk om alle zout in een keer weg te laten, probeer dan om het geleidelijk aan te verminderen. Zo kun je bijvoorbeeld steeds iets minder zout aan de aardappelen toevoegen.